voorpagina · archief · over robin · colofon
 
Of hij voortaan voor
Apple wilde tekenen

De zomer van 2010 was nog maar net begonnen toen Apple belde. Of hij, Sebastiaan de With, interfaces en iconen wilde ontwerpen voor MobileMe. Prima, antwoordde de 23-jarige Drachtenaar. Maar alleen als hij voorlopig vanuit Friesland mocht werken.

Apple is zijn voorbeeld, maar te koop lopen met zijn werkgever vindt hij niet chique. "Dat maakt mensen alleen maar hysterisch."

Sebastiaan de With kan het ook niet helpen. Dan kijkt hij naar het icoontje van Apple's Find My iPhone-app en wéét hij dat er iets niet klopt. Dat er ergens een paar pixels niet genoeg glimmen, nét een verkeerde kleur hebben of te weinig details herbergen.

''Dat vind ik gewoon jammer. Als design verbeterd kan worden, moet dat gebeuren. Juist details maken een ontwerp tot wat het is.''

Zijn collega's in Apple's hoofdkwartier Cupertino denken er net zo over. Het MobileMe-team, dat hem een paar maanden geleden als freelancer in dienst nam, heeft De With niet alleen nodig bij het visueel vormgeven van nieuwe online diensten.

Ook de details van bestaande producten laten ze hem telkens kritisch bekijken. Finesses blíjven belangrijk, vindt hij. Of een icoon nu op de tekentafel ligt of al lang in de App Store te vinden is.

In zijn Drachter werkkamer werkt hij zowel aan nieuwe producten als aan de verbetering van bestaand Apple-design. 's Ochtends logt hij in op het bedrijfsnetwerk in Californië, ergens tegen middernacht rolt hij weer in zijn bed. Wat hij in de tussentijd doet, blijft strikt geheim.

''Ik ontwerp voor MobileMe's website, maar werk ook aan apps en de MobileMe-software voor de Mac. Vertellen over wat ik gemaakt heb, kan alleen als mijn werk openbaar is gemaakt. Dat is lastig als je een interview geeft. Ook daarom werkt Apple normaal gesproken niet met freelancers. Ik ben een uitzondering.''

De plotselinge opdracht van Apple kwam niet helemaal uit de lucht vallen. Sinds hij in 2006 zijn eerste Mac kocht, is icoonontwerp een dagelijkse routine. ''Tot voor vier jaar geleden had ik nog nooit een Mac aangeraakt.

Tijdens mijn studie aan de kunstacademie in Groningen ontdekte ik ineens hoe ontzettend goed er over die apparaten is nagedacht. Het eerste dat je ziet als je een Mac opstart, is het dock. Iedere computertaak heeft zijn eigen plaatje. En die plaatjes - een agenda, een cd'tje - lijken allemaal op echte instrumenten. Eenvoudiger kan het niet. Iconen zijn het boegbeeld van Apple's computers.''

Op zijn verse Macbook Pro begon hij iconen te reproduceren. ''Ik vond ze fascinerend, misschien wel het meest interessante designwerk dat ik ooit gedaan had.'' Zoals een rockfan op zijn gitaar akkoorden van zijn favoriete band naspeelde, tekende De With telkens opnieuw dock-icoontjes. ''Ik wilde begrijpen wat ze zo bijzonder maakte. Als ik dat wist, kon ik zelf ook ontwerpen.''

Schetsen die hij op online Apple-communities achterliet, trokken de aandacht van kleine ontwikkelaars. ''Die vroegen of ik voor hen ook eens iets kon tekenen. Tja, waarom ook niet? Ik deed het graag.'' Hij richtte zijn eigen designstudio op (Cocoia genaamd), ontwierp een website en begon een bedrijfsblog.

Een paar maanden later trok een artikel over de beveiliging van Macs internationale aandacht. ''Ineens stond ik op de voorpagina van Digg, die site waarop gebruikers op interessante artikelen stemmen.'' Duizenden gebruikers surften naar De With's blog. Zijn hersenspinsels trokken geïnteresseerde Mac-gebruikers, maar ook medewerkers van HP en de Amerikaanse tak van T-Mobile.

Niet lang daarna belde een ontwerpbureau van HP. ''Die lui werkten aan de TouchSmart, een soort iMac-met-aanraakscherm. Over het design hadden ze nog niet echt nagedacht. Of ik dat kon doen.'' Voor een studentenloon ging hij aan de slag.

Hij ontwierp iconen en gaf de interface – een schil om Windows – vorm. ''Werken aan een product HP was tof, maar ook lastig. HP is een typisch technologiebedrijf. Er is nauwelijks focus op consistentie in design en afdelingen werkten constant langs elkaar heen.''

Ook T-Mobile, zijn tweede grote klant, inspireerde hem niet. ''Iemand van hun ontwerpbureau mailde of ik binnen een paar dagen een logo voor hun online diensten kon ontwerpen. Een big deal, dus.

De afdeling moest daar later die week een presentatie over geven. Aan het icoontje van die diensten waren ze nog niet toegekomen.'' De With ging die avond nog aan de slag. Hij maakte een aantal overuren en hielp het bureau en de provider uit de brand.

In de maanden daarna klopten ontwikkelaars uit de hele wereld bij hem aan (zie inzet). Sinds een paar jaren krijgt hij dagelijks aanbiedingen voor freelancewerk. ''Op de meeste daarvan ga ik niet in. De klussen die me het meeste aanspreken, pik ik eruit.''

Zelfs voor een uitnodiging voor een sollicitatiegesprek bij Apple bedankte hij. ''Een recruiter vroeg of ik bij het iPhone-team wilde intrekken. Erg cool natuurlijk. Ik was pas anderhalf jaar icoondesigner en kon in één klap mijn ambities bereiken. Maar zo maar mijn huis verkopen en vertrekken uit Nederland, dat kón gewoon niet.''

Op dat moment, zo geeft hij toe, wist hij dat het met zijn carrière wel goed zat. Hij stortte zich op freelancewerk voor zelfstandige ontwikkelaars en hield zijn contacten met Apple warm. Zijn studie aan de kunstacademie viel inmiddels niet meer te redden.

''Niks aan te doen. Mijn middelbare school heb ik ook niet afgemaakt. Ik wilde alleen maar ontwerpen. Alles dat daar niks mee te maken had, vond ik niet relevant.'' Zijn leraren begrepen hem. ''Die zeiden: als je nu al goede zaken doet moet je niet op de academie blijven hangen.''

Tijdens uitstapjes naar Apple's jaarlijkse programmeursconferentie in San Francisco sloot hij vriendschappen met een deel van Steve Jobs' equipe. ''In Cupertino werken fantastische mensen. Ze zijn gedreven - creatievelingen met dezelfde interesses als ik.''

De drang naar perfectie schept een band. ''Veel bedrijven durven geen ontwerpvoorstellen te weigeren. Bij Apple hangt een totaal andere sfeer: daar durven ze gerust te zeggen dat ze je werk gewoon kut vinden. Dáár houd ik van. Weet ik meteen dat ik harder mijn best moet doen.''

Na een paar jaar in icoon- en interfacekringen bleken andere icoonontwerpers en de mensen bij Apple zijn beste vrienden. ''Ik heb een narrow focus, en zij ook. We willen niets liever dan ontwerpen voor computers, telefoons en tablets.''

Die extreme focus leverde hem zelfs wat bekendheid op. Hij grijnst. ''Ik ben een geek celebrity. Vreemd hoor. Na de presentatie van de iPhone 4 in San Francisco stond ik nog wat na te praten met een programmeur. Om ons heen vormde zich ineens een groep toeschouwers - lui die ons wel eens in het echt wilden bekijken.

Wat bizar, dacht ik toen: ik ben een attractie voor nerds. Later die week klampte een jonge Amerikaan me aan. Hij had me al uren gevolgd en wilde laten weten dat hij mijn werk goed vond.'' Zulke faam neemt hij niet te serieus.

''De Apple-gemeenschap is niet zo groot. Je bent al snel een beroemdheid. En sommige van die fans zijn natuurlijk een beetje socially awkward. Dat moet ook wel, als je naar San Francisco reist en een paar duizend euro uitgeeft om programmeercursussen bij te wonen.''

Ook de prestige van zijn werkgever doet hem weinig. ''Natuurlijk: kunnen zeggen dat je voor Apple werkt is stoer. Maar het verveelt ook snel.'' Op zijn blog en bedrijfsportfolio zwijgt hij over zijn baan.

''Mensen willen wel eens hysterisch worden als ik de naam Apple drop. Of ze vragen me of ik niet eens iets kan veranderen aan OS X of een bepaalde iPhone-app. In zulke gekte heb ik geen zin.''

Apple is sowieso tot de jaarwisseling zijn werkgever. Wat als zijn contract afloopt? ''Ik ben welkom in Cupertino. De medewerker die me heeft aangedragen is een vriend van me, iemand die ik ken uit mijn freelance-tijd.

Het liefste hadden de mannen van MobileMe me gelijk naar Amerika laten verhuizen. Dat ging mij een paar maanden geleden nog te ver.''

Ditmaal is hij bereid om Drachten op termijn achter zich te laten. ''De afgelopen jaren heb ik me mentaal van Nederland losgemaakt. Mijn beste vrienden wonen in Amerika en mijn collega's zien me graag komen.

Het cliché dat Apple een familie is, klopt helemaal. Iedereen kent elkaar en eerlijkheid staat er voorop. Ik sluit me er graag bij aan.'' Lachend: ''Al ben ik natuurlijk een aangetrouwd lid.''


Copyright Robin de Wever 2010 ©
Gepubliceerd in... Gepubliceerd in: MacFan, augustus 2010
Tweet dit artikel
© copyright Robin De Wever 2007 | design 150watt.net | voorpagina · over robin · archief · colofon